Afgeschreven

In onze wijk, een nieuwe wijk welteverstaan, staat een karakteristieke brug, in mijn volksmond beter bekend als DE VERROESTE BRUG. Die wordt momenteel gesloopt en daarna vervangen. Maar was dat nu nodig?, vraagt menigeen zich af en wat kost dat wel niet? Of, ook belangrijk, wie betaalt dat? Die laatste vraag is eenvoudig te beantwoorden. Dat zijn wij, zeg maar de ingezetenen van onze gemeente, die bij de bouw nog niet bestond, dus ook Lemmer en Balk betalen mee. Dat verlicht in elk geval de pijn voor Joure. En was dat niet te voorkomen geweest? Ja natuurlijk wel, alle bouwfouten en -catastrofes waren te voorkomen geweest. Ik weet daar toevallig iets van, want het voorkomen en herstellen van bouwfouten was namelijk mijn werk.
Het uitzoeken, wie aansprakelijk is voor zo’n fout, is over het algemeen betrekkelijk simpel. Dat is de eigenaar, tenzij hij de aansprakelijkheid kan verleggen naar een verzekeraar of een marktpartij, als die nog bestaat en het hele zaakje niet is verjaard. Wat je ermee opschiet is, dat je weet waar de rekening naartoe moet, meer niet. Veel interessant is de vraag, wie schuldig is aan het debakel. Meestal – en ik vermoed ook in dit geval – is dat niet één partij. Je kunt namelijk niet in eentje een debakel veroorzaken. Een bouwfout is het gevolg van een kettingreaktie van fouten. Hoewel fouten? Het probleem is juist dat mensen vooral proberen geen fouten te maken, of erger nog, hun vingers niet willen branden aan het werk van anderen. En wegkijken, niet over andermans schouders meekijken, is kwalijk, maar strikt genomen geen fout. En, afgezien van de rampzalige gevolgen, werkt het ook. Want organisaties veranderen, overheden herindelen, bedrijven worden overgenomen of geliquideerd, documenten worden gewist en de mensen zitten ergens anders. Niemand bloedt en de onderhoudsvrije brug – althans, je kunt er niet bij – hij roestte voort.

Hij is nog lang niet doorgeroest, dus had ik hem liever laten staan, desnoods met zo’n bordje INRIJDEN OP EIGEN RISICO, waar je twee jaar lang langs moet naar je nieuwbouw woning. Als monument van menselijk falen, als educatieve attractie voor toekomstige techneuten en ambtenaren. Want iedereen maakt fouten. Pas als je verzuimt van je fouten te leren, ben je incompetent.

 

Dat doet me trouwens denken. Op mijn 19e  werd ik ook door de overheid afgeschreven. Toen ik bij de dienstkeuring de psychologische keuring won – ik hou nu eenmaal van een wedstrijdje – vroeg de soldaat van dienst of ik een officiersopleiding wilde volgen.
‘Als ik medisch word goedgekeurd,’ zei ik, ‘ga ik dienst weigeren.’ Ik had weliswaar astma in mijn bagage, maar het leek me stratigisch handig om duidelijk te maken, dat mij goedkeuren uberhaupt zinloos zou zijn. Of ik misschien gewetensbezwaren had, vroeg de man in uniform.
‘Dat niet,’ zei ik, ‘ik hou niet van oorlog, maar zonder leger kunnen we ook niet. En ik wil ook best iemand doodschieten, als die mij naar het leven staat. Maar niet, omdat een generaal VUUR roept.’ Op gezag van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen was mij namelijk net bijgebracht, hoe ik mijn verstand moest gebruiken. Daar had ik een diploma van. De boodschap kwam in zoverre over, dat ik inderdaad werd afgekeurd. Van het Ministerie van Defensie ontving ik een voorbedrukt briefje bij de post, met mijn naam en geboortedatum met pen ingevuld en een vet stempel VOORGOED ONGESCHIKT. Degene, die mij zo bruut had afgestempeld, heeft zijn werkzame leven van mijn belastingcenten in een kazerne doorgebracht in afwachting van een oorlog, die gelukkig nooit is gekomen. Voor zijn dierbaren hoop ik, dat hij ook nooit is uitgezonden.

Bekijk ook...

Boom = Hout

Voor politiek moet je niet bij mij wezen. Democratie is welbeschouwd een waardeloos systeem, maar wel het minst waardeloze van alle regeringsvormen die ik ken en omdat ik tenminste recht van spreken wil hebben, breng ik trouw iedere vier jaar mijn stem uit.

Goede vrijdag

Voor volledige foto en achtergronden klik op

Verjaardagsfeest

Gisteren was Meneer Houtman jarig. Eén jaar geleden zette ik hem voor het eerst in elkaar op een bankje in de zon en maakte ik de allereerste foto. Toen de uitnodigingen met die eerste foto waren verstuurd, moest er natuurlijk ook taart komen, slingers en een feestmuts. Want als je raar doet, moet je het wel goed doen, anders is er niets aan.